Platte belastingverhoging

Een werkgever houdt iedere maand bedrijfsvoorheffing in op het loon van zijn werknemers. Die voorheffing is een voorschot op de belasting die de werknemers anderhalf tot twee jaar later wordt aangerekend via hun aanslagbiljet – de uiteindelijke belastingafrekening. De werkgever moet de voorheffing inhouden en die meteen doorstorten aan de fiscus.

 

Zelfstandigen hebben geen werkgever. Op de winst van een bakker of op de baten van een arts wordt geen bedrijfsvoorheffing ingehouden. Zij kunnen zo tot twee jaar langer over hun belastingcenten beschikken en er opbrengsten van hebben. De fiscus blijft al die tijd op zijn honger zitten. Daarom is het systeem van de voorafbetalingen in het leven geroepen. Zelfstandigen kunnen tijdens het jaar vrijwillig geld storten aan de fiscus als voorafbetaling van hun uiteindelijke belasting. Doen ze dat niet, dan worden ze beboet met een belastingverhoging – fiscaaltechnisch heet dat een belastingvermeerdering. De belasting die de zelfstandigen normaal betalen, wordt dan vermeerderd met een percentage dat schommelt naargelang van de marktrente.

 

De belastingvermeerdering wordt zo berekend dat ze in principe de intrestopbrengst tenietdoet die een zelfstandige zou kunnen realiseren als hij niet voorafbetaalt, maar de centen in eigen zak houdt. Zo wordt de lat gelijkgetrokken voor werknemers en zelfstandigen. Een werknemer ziet zijn maandloon meteen afgeroomd en derft intresten op een deel van zijn loon. Een zelfstandige ziet zijn inkomen niet meteen afgeroomd, maar de intresten die de schatkist daardoor misloopt, worden gecompenseerd met een boete in de vorm van een belastingvermeerdering. Die boete kan de zelfstandige enkel vermijden als hij voldoende voorafbetaalt. Dat is de logica achter het systeem van voorafbetaling en belastingvermeerdering. Maar de fiscale wetgever heeft die logica onlangs doorbroken, in het nadeel van de zelfstandigen.

 

De belastingvermeerdering bedraagt nu 1,125 procent. Dat percentage is kunstmatig hoog, want in principe zou er, door de extreem lage marktrente en de wettelijke afrondingsregels, geen belastingvermeerdering meer mogen worden toegepast. Maar een zogenoemde nihilvermeerdering is uit den boze en wordt ieder jaar vermeden met een apart koninklijk besluit dat het percentage van de vermeerdering op 1,69 procent (voor de inkomsten van 2014) en op 1,125 procent (voor de inkomsten van 2015 en 2016) bracht. Maar een belastingvermeerdering van 1,125 procent blijkt voor zelfstandigen een onvoldoende stimulans te zijn om nog voorafbetalingen te doen. Nog nooit waren de inkomsten eruit zo laag. Slechts 1,125 procent rente betalen om twee jaar langer over zijn belastingcenten te kunnen beschikken, is goedkoop geld, redeneren velen. Waarom dan nog voorafbetalen? Voor de begroting is dat een lelijke streep door de rekening.

 

Daarom heeft de federale regering afgelopen maand beslist het percentage van de belastingvermeerdering fors te verhogen van 1,125 tot 2,25 procent. Die 2,25 procent is een bodemtarief. Die minimale vermeerdering van 2,25 procent geldt voor de eerste maal voor de belasting op de inkomsten van 2017. De vermeerdering wordt losgekoppeld van de marktrente. Nulrente of niet, vanaf 2017 betaalt iedere zelfstandige die niet voorafbetaalt, minstens 2,25 procent boete. Zelfs als het, zuiver financieel, geen verschil uitmaakt of de schatkist vandaag dan wel twee jaar later over de centen beschikt, wordt een ‘betaling twee jaar later’ beboet met een belastingvermeerdering van 2,25 procent. Dat is een platte belastingverhoging. Want in gelijke marktomstandigheden betaalt de zelfstandige volgend jaar dubbel zoveel belastingvermeerdering als nu.

 

En hoe wordt die belastingverhoging verpakt? “Voorafbetalen wordt interessanter vanaf 2017”, luidt het. Ja, wanneer de boete voor het negeren van een stoplicht met 100 euro verhoogt, wordt niet door rood rijden ook interessanter.

 

(Jef Wellens, Trends, 1 september 2016)

 

 

 monKEYnew 

 

Meer informatie vindt u in de module Personenbelasting op monKEY.be 


Gepubliceerd op 07-09-2016

  1027