Ontmijn de fiscale boobytrap

Af en toe kom je ze tegen. De fiscale dossiers die je eraan herinneren dat we belasting betalen in het land van Magritte. Onlangs weer. Een weduwe met een overlevingspensioen ontving een 'rechtzetting' van haar belastingafrekening. Ze had in haar aangifte immers geen melding gemaakt van een lapje grond dat ze zopas had geërfd. Het kadastraal inkomen van die grond, welgeteld 10 euro, werd daarom toegevoegd aan haar pensioen, voor een nieuwe berekening van haar belasting. Enkele weken later kreeg zij een aanvullende aanslag, zoals dat heet, van... 627 euro. Zonder het kadastraal inkomen van 10 euro betaalde ze geen belasting, met betaalt ze meer dan 600 euro. Deze dame werd het slachtoffer van de beruchte fiscale inkomensval.

En zij is niet de enige. Voorbeelden zijn legio. Een andere gepensioneerde ontving een pensioen van 15.000 euro. Als dat zijn enige inkomen is, betaalt hij geen belasting.  Maar daarnaast kreeg hij ook nog een kleine onderhoudsuitkering van 150 euro en die dikt zijn belastingfactuur plots aan tot 685 euro. Dat is een 'belastingaanslag' van 450%.
Of nog, een werkloze met een uitkering van 16.500 euro volgde op uitnodiging van de VDAB een opleiding. Als aanmoediging kreeg hij hiervoor een premie van 50 euro, weliswaar belastbaar. Wat blijkt? Zonder de opleiding betaalde hij geen belasting, met de opleiding maar liefst 1.280 euro. Die 'gratis' opleiding kost hem dus meer dan 1.200 euro!

Wat hebben al die personen gemeen? Zij combineren een pensioen of een vervangingsinkomen, zoals een werkloosheids- of invaliditeitsuitkering, met een ander inkomen: een (fictief) inkomen uit grond, een onderhoudsuitkering of een kleine bezoldiging. Vervangingsinkomsten en pensioenen worden in België tot een bepaald grensbedrag volledig van belasting vrijgesteld. Merkwaardig trouwens dat voor werkloosheidsuitkeringen een hogere belastingvrijstelling geldt dan voor ziekte- en invaliditeitsuitkeringen. Als signaal kan dat tellen. Maar dit ter zijde. Zodra er naast dat vervangingsinkomen of dat pensioen nog een ander belastbaar inkomen is, hoe klein ook, wordt die vrijstelling niet meer toegepast en valt men terug op de gewone belastingvermindering voor vervangingsinkomsten en pensioenen. Probleem is dat die vermindering niet naadloos aansluit op de belastingvrijstelling. Er zit met andere woorden een kink in de spreekwoordelijke kabel die de vermindering met de vrijstelling verbindt. En dat leidt tot de hoger beschreven bizarre effecten. Zo kan één 'dodelijke' euro extra leiden tot 1000 euro extra belasting. Allemaal volgens het (wet)boekje en berekeningstechnisch te verklaren, maar leg maar eens uit aan een gepensioneerde waarom zijn beetje extra inkomen het tienvoudige aan belasting kan kosten. Dat valt niet uit te leggen.

Deze fiscale inkomensval bestaat al tientallen jaren en werd meermaals aangekaart bij de bevoegde ministers. Het is ook een constante in het jaarverslag van de Fiscale Bemiddelingsdienst waar het steevast opduikt in haar lijstje 'op te lossen problemen'. Maar buiten wat gemorrel in de marge werd het probleem nooit fundamenteel aangepakt. Terwijl het toch niet zo moeilijk kan zijn om berekeningsregels beter op elkaar af te stemmen. Waarom niet het principe dat je nooit meer belasting kan betalen dan het meerinkomen dat je ontvangt, doortrekken naar alle situaties waar een vervangingsinkomen of pensioen wordt gecombineerd met een ander inkomen?

In februari werd minister van Financiën Koen Geens nog ondervraagd over de materie. Hij toonde zich niet ongevoelig voor de problematiek maar verder dan "ik vind dat dit issue in het kader van de fiscale hervorming ter tafel moet worden gebracht" reikte zijn antwoord niet. En toch schuiven we dit 'issue' beter niet aan de kant. Het gaat immers om personen die het financieel niet breed hebben, voor wie 500 euro meer of minder een wereld van verschil maakt. Personen die hoegenaamd geen boodschap hebben aan mooie verkiezingsbeloften rond fiscale afkoopwetten of notionele interestaftrekken. Misschien kan aan hen ook eens worden gedacht na 25 mei?

(Jef Wellens, Trends, 17 april 2014)

Gepubliceerd op 28-04-2014

  461