Klusserdeklus

Gepubliceerd op 14-11-2017

Het belastingvrije bijverdienen tot 6000 euro per jaar, dat vanaf volgend jaar wordt ingevoerd, is een van de opvallendste maatregelen in het Zomerakkoord van de federale regering. Dat nieuwe onbelaste bijverdienen kan op drie manieren. Ten eerste met werk in het verenigingsleven. Denk aan prestaties als sporttrainer, scheidsrechter, jeugdleider, monitor, lesgever in dans- en muziekverenigingen of gids. Ten tweede kan het met zogenoemde burgerdiensten – vrijetijdswerk van burger tot burger. Daaronder vallen activiteiten zoals babysitten, naschoolse opvang, het geven van bijles, klussen in een woning en huishoudhulp. De activiteiten die onder burgerdiensten en verenigingswerk vallen, worden wettelijk strikt afgebakend.

Ten slotte kan belastingvrij bijverdienen ook in de deeleconomie, waarvan de activiteiten in dezelfde sfeer zitten als de burgerdiensten. Toch zijn ze anders, omdat activiteiten van de deeleconomie noodzakelijk via een erkend internetplatform moeten verlopen: klussen via ListMinut of Homeyz, het bereiden en het leveren van maaltijden via Flavr of Ubereats, of het geven van bijles via Branpont of Mysherpa.

Er bestaat al langer een fiscaal gunstregime voor de deeleconomie, maar omdat Airbnb – de grootste speler op die markt, waarvoor dat regime eind 2016 in feite werd gecreëerd – er geen gebruik van maakt, doet de regering een ultieme poging om Airbnb alsnog over de streep te trekken. Ze stelt inkomsten uit de deeleconomie tot 6.000 euro per jaar volledig vrij van belasting, en belast die niet meer tegen 10 procent, zoals nu het geval is. Ze laat ook alle inkomsten uit de “Airbnb-verhuur met bijkomende service” onder het regime van de deeleconomie vallen, en niet slechts 20 procent van die inkomsten. Maar ondanks die aandoenlijke knieval lijkt de vis nog niet te bijten.

Met de drie activiteiten samen – verenigingswerk, burgerdienst en deeleconomie – kun je maximaal 6000 euro per jaar bijverdienen. Voor burgerdiensten en verenigingswerk die enkel toegankelijk zijn voor wie al een hoofdberoep heeft of met pensioen is, geldt nog een extra grens van 1.000 euro per maand. Je kunt die drie soorten activiteiten combineren, zolang je de grensbedragen maar respecteert. En daar schuilt meteen het gevaar. Want verdien je 1 euro meer dan die 6.000 of 1.000 euro, dan wordt de volledige bijverdienste van dat jaar (of die maand) onverbiddelijk belast als beroepsinkomen, tegen 45 à 50 procent, inclusief mogelijke navorderingen van sociale bijdragen en btw. Die ene euro te veel kost een overenthousiaste bijklusser gemakkelijk 800 euro.

Dat probleem stelt zich niet met de flexi-jobs, die vandaag enkel mogelijk zijn in de horeca, maar binnenkort worden uitgebreid naar andere sectoren, zoals kapperszaken, warenhuizen en kleinhandel. Met een flexi-job, die uitsluitend is weggelegd voor werknemers die minimaal vier vijfde werken – kun je ongebreideld onbelast bijverdienen. En hoe zit het dan met het eigenlijke vrijwilligerswerk? Dat behoudt zijn belastingvrije kostenvergoeding tot maximaal 1.335 euro per jaar. Maar vrijwilligerswerk is niet combineerbaar met belastingvrij verenigingswerk voor dezelfde vereniging.

Veel nieuwe regels en grenzen. Bijklussen is niet eenvoudig anno 2018. Gelukkig kun je je laten begeleiden door boekhouders of andere adviseurs. Als burgerdienst, als het even kan. Aan de slag!

 

Jef Wellens, Trends 9/11/2017

  1216