Cashbetalingen sinds 1 januari 2014 verder beperkt – wat zijn de risico’s ?

De wet van 11 januari 1993 of de zogenaamde preventieve witwaswet bevat een apart hoofdstuk met betrekking tot de beperking van de betalingen in contanten.

De beperking van de contante betaling bij de verkoop van een onroerend goed is sinds 1998 in de preventieve witwaswetgeving opgenomen. Tot eind vorig jaar mocht de prijs van de verkoop van een onroerend goed enkel vereffend worden door middel van overschrijving of cheque, uitgezonderd voor een bedrag tot 10 % van de prijs van de verkoop en voor zover dit bedrag niet hoger was dan 5.000,00 euro. Vóór 16 april 2012 was deze llimiet nog gesteld op 15.000,00 euro. Sinds 1 januari 2014 mag de verkoop van een onroerend goed zonder uitzondering enkel nog vereffend worden door middel van een overschrijving of een cheque. De beperking blijft zoals voorheen gepaard gaan met een meldingsplicht voor notarissen en vastgoedmakelaars aan de zogenaamde witwascel indien het verbod niet wordt nageleefd. De verkoopovereenkomst en de verkoopakte moeten ook nog steeds het nummer van de financiële rekening vermelden waarlangs het bedrag werd of zal worden overgedragen.

De prijs van de verkoop door een handelaar van één of meerdere andere goederen, evenals overigens de prijs van één of meerdere dienstprestaties geleverd door een dienstverstrekker, mag sinds 1 januari 2014 niet meer in contanten worden vereffend wanneer de verkoop 3.000,00 euro of meer bedraagt. Dit verbod geldt evenwel niet voor een bedrag dat 10 % van de prijs van de verkoop of de dienstprestatie niet overstijgt en voor zover dit bedrag niet hoger is dan 3.000,00 euro. Het opsplitsen van een factuur in meerdere facturen onder de 3.000,00 euro is niet toegelaten. Tot eind vorig jaar en sinds 16 april 2012 waren cashbepalingen op gelijke wijze verboden maar pas voor verkopen vanaf 5.000,00 euro. Voordien, sinds 2004, gold dit verbod op betalingen in contanten slechts voor verkopen vanaf 15.000,00 euro en zonder de 10 %-uitzondering. Opmerkelijk hier is dat de meldingsplicht aan de witwascel in geval van inbreuken op het voorgaande in principe geldt voor de betrokken handelaar of dienstverstrekker. Hij wordt met andere woorden verplicht zichzelf te beschuldigen hetgeen manifest in strijd is met het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens (EVRM). Een koninlijk besluit dat zou aanduiden in hoofde van welke handelaren en dienstverrichters de meldingsplicht precies bestaat werd dan ook vooralsnog niet uitgevaardigd. Voor edele metalen geldt een bijzondere regeling.

Verschillende controle- of toezichthoudende overheden of tuchtoverheden, de FOD Economie en de FOD Binnenlandse zaken controleren de naleving van de preventieve witwaswet. Zo zijn de ambtenaren aangesteld door de minister van Economische Zaken bevoegd om de inbreuken inzake de contante betalingen bij de verkoop van de andere goederen dan onroerende goederen of bij dienstprestaties op te sporen en vast te stellen

Op het overtreden van de voornoemde bepalingen van de preventieve witwaswet staan strenge sancties. De overtredingen van de bepalingen inzake de ontvangst in contanten van de prijs bij verkoop van onroerende goederen worden gestraft met een administratieve geldboete van 250,00 euro tot 1.250.000,00 euro. De overtredingen van de bepalingen inzake de ontvangsten in contanten van de verkoop van de andere goederen of bij dienstprestaties wordt gestraft met een strafrechtelijke geldboete van 1.500,00 euro tot 1.350.000,00 euro (incl. opdeciemen) zonder dat deze geldboete meer mag bedragen dan 10 % van de ten onrechte in contanten betaalde sommen. Een bewijs van een bijzonder opzet is niet vereist. Er lijkt hier sprake van een zogenaamd reglementair misdrijf of een zogenaamde schuld door wetsinbreuk gezien de preventieve witwaswet als bijzondere strafwet een gedraging strafbaar stelt ongeacht of ze opzettelijk of uit onachtzaamheid is gepleegd. Op grond van verzachtende omstandigheden kunnen deze strafrechtelijke geldboeten worden verminderd. De schuldenaar en de schuldeiser zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling ervan. Belangrijk om weten is dat de strafrechtelijke geldboeten gemoeid bij te hoge ontvangst in contanten bij de verkoop van andere goederen dan onroerende goederen of bij dienstprestaties het voorwerp kunnen uitmaken van een administratieve minnelijke schikking. Er wordt dan aan de overtreders een som voorgesteld waarvan de betaling de strafvordering doet vervallen. De tarieven zijn dezelfde als de geldboetes. In de prakijk kan worden vastgesteld dat bijvoorbeeld éénmalige ‘zondaars’ het voordeel van een minnelijke schikking kunnen genieten en dat slechts wanneer niet wordt ingegeaan op een minnelijke regeling het dossier dan wordt overgemaakt aan het parket. Het parket kan dan beslissen over te gaan tot dagvaarding voor de correctionele rechtbank, om de zaak te seponeren of om alsnog een minnelijke regeling voor te stellen.  

De hier besproken maatregelen hebben enkel betrekking op de eigenlijke ontvangst van contanten in het kader van de preventieve witwaswet. Zij doen geen afbreuk aan een mogelijke vervolging op grond van de repressieve witwaswet (art. 505 van het Strafwetboek). Laatstgenoemde wet stelt de illegale handelingen met vermogensvoordelen afkomstig uit een misdrijf strafbaar als ‘witwassen’ waarbij gevangenisstraffen zijn voorzien.

Sinds Nieuwjaar zijn de cashbetalingen verder beperkt. De verkoop van een onroerend goed kan zonder uitzondering enkel nog vereffend worden door middel van een overschrijving of een cheque. De prijs van de verkoop door een handelaar van andere goederen mag sinds 1 januari 2014 niet meer in contanten worden vereffend wanneer de verkoop 3.000,00 euro of meer bedraagt tenzij voor een bedrag dat 10 % van de prijs van de verkoop niet overstijgt en voor zover dit bedrag niet hoger is dan 3.000,00 euro. Hetzelfde geldt met betrekking tot de prijs van één of meerdere dienstprestaties geleverd door een dienstverstrekker. Het opsplitsen van een factuur in meerdere facturen onder de 3.000,00 euro is niet toegelaten. Bij overtredingen riskeert men de betaling van hoge geldboetes. In bepaalde gevallen kunnen verzachtende omstandigheden worden ingeroepen of kan zelfs een minnelijke schikking worden nagestreefd waardoor de strafvordering vervalt.

Steven Vancolen (advocaat-vennoot) & Hitoshi Vanlandeghem (advocaat)

Imposto advocaten(1)

Gepubliceerd op 06-02-2014

  479