Ook onze Koning betaalt belastingen…

Gepubliceerd op 15-11-2019

Vandaag is het feest! Al sinds 1866 wordt op 15 november Koningsdag gevierd. TaxWorld staat op deze dag ter ere van de Koning even stil bij de fiscale situatie van ons vorstenhuis.

Werkingsmiddelen

De Civiele Lijst van de Koning omvat alle middelen die de Natie ter beschikking stelt om het Staatshoofd in staat te stellen zijn Koninklijke functie waardig uit te oefenen. Met dit budget moet Koning Filip zijn onkosten betalen zoals personeelskosten, onderhoud van de koninklijke residentie en officiële activiteiten.

De civiele lijst van de Koning is vastgelegd bij wet en gekoppeld aan de evolutie van de gezondheidsindex (aanpassing bij overschrijding van de spilindex). Vorig jaar bedroeg hij ongeveer 13,5 miljoen euro. De civiele lijst voor 2019 gaat verder op het geïndexeerd bedrag van 2018. Op deze vergoeding betaalt de Koning geen personenbelasting.

De aankopen ten laste van de civiele lijst zijn sinds 22 juli 2013 wel onderworpen aan accijnzen en btw. De hofleveranciers van Koning Filip moeten dus aan het Hof net als aan hun andere klanten btw aanrekenen.

Dotaties

Sinds 2014 ontvangen enkel de vermoedelijke troonopvolger, de Koning of Koningin die troonsafstand heeft gedaan, de overlevende echtgenoot of echtgenote van de (afgetreden) Koning(in) en de overlevende echtgenoot of echtgenote van de vermoedelijke troonopvolger een dotatie. Elke dotatie wordt bij wet vastgesteld op voorstel van de regering.

In de toekomst zullen de broers en zussen van de kroonprinses dus geen dotatie meer krijgen. Als overgangsmaatregel behouden de zus en broer van onze huidige Koning, met name Prinses Astrid en Prins Laurent wel hun jaarlijkse dotatie (resp. 320.000 euro en 307.000 euro).

Die dotaties bestaan uit een aan de inkomstenbelasting onderworpen deel dat overeenstemt met een bezoldiging, en een deel voor werkings- en personeelsuitgaven. In de praktijk wordt ongeveer één vijfde als loon beschouwd waarop personenbelasting moet worden betaald.

Het ontvangen van een dotatie is niet verenigbaar met het ontvangen van een ander belastbaar inkomen uit een beroepsactiviteit.

Koning privé

  142