Nieuwe woning, nieuwe lening: wat met de oude woonbonus?

Tax Tip

Gepubliceerd op 07-06-2019

Vorig jaar kochten wij een nieuwe woning in het Vlaamse Gewest. De compromis voor verkoop van onze vorige woning was getekend voor het jaareinde, dus kunnen we in onze aangifte spreken van eigen en enige woning. Maar hoe geef ik het woonkrediet hiervoor correct in? Op ons oude krediet betaalden we méér dan wat we maximaal kunnen aangeven. Op onze nieuwe lening bereiken we dit maximum nog niet. De oude lening, van 2005 is volledig afbetaald. Mogen wij de oude lening volledig aangeven zoals wij vroeger deden, voor het maximum dat we kunnen inbrengen?

christian-stahl-313383-unsplash

U hebt in 2018 geleend voor uw nieuwe woning. En u hebt uw oude woning verkocht, ook in 2018. Dus vorig jaar verhuisde u naar uw nieuwe woning.

De hypothecaire uitgaven (intresten, kapitaalaflossingen en schuldsaldoverzekeringspremies) die u vorig jaar betaalde voor uw nieuwe woning vanaf dat u die betrok, geven recht op de Vlaamse geïntegreerde woonbonus (rubriek I 1 van vak IX). Aangezien het op 31 december 2018 uw enige woning was, is dat de maximale woonbonus van 2.280 euro tegen 40 procent belastingvermindering. Het fiscaal voordeel bedraagt dus 912 euro per kredietnemer. Maar omdat u minder dan 2.280 euro betaalde, kunt u het fiscale voordeel van uw nieuwe lening in de aangifte van dit jaar nog niet maximaal benutten.

De lening die u in 2005 sloot voor uw oude woning hebt u intussen volledig terugbetaald. Die lening hebt u altijd aangegeven in het stelsel van de oude Vlaamse woonbonus (rubriek I 2 b van vak IX). Die woonbonus bedraagt voor u sinds 2015 ook slechts 2.280 euro (per kredietnemer) en niet langer 3.040 euro, want de verhoging met 760 euro genoot u enkel tijdens de eerste 10 leningsjaren. Maar de belastingvermindering voor uw oude lening wordt berekend tegen het marginaal tarief, mogelijk tegen 45 procent of zelfs 50 procent. Het belastingvoordeel kan dus oplopen tot 1.140 euro per kredietnemer. En dat voordeel kunt u in deze aangifte wel nog maximaal benutten met alle betalingen die u nog deed in 2018 voor uw oude lening.

Maar opgelet, enkel de betalingen die u voor uw oude woning deed vóór de dag dat u verhuisde naar uw nieuwe woning kunnen nog recht geven op die oude Vlaamse woonbonus. Alles wat u op uw oude lening afbetaalde vanaf de verhuisdatum komt in aanmerking voor de federale fiscale voordelen: belastingvermindering voor langetermijnsparen voor de kapitaalaflossingen (rubriek II B 4 b van vak IX) en gewone intrestaftrek (rubriek II B 3 b van vak IX). Want vanaf de verhuizing is uw oude woning niet langer de eigen woning, maar de niet-eigen woning waarvoor de federale overheid bevoegd is. U moet dus zelf de uitgaven van uw oude lening opsplitsen tussen de betalingen gedaan vóór de verhuizing (= Vlaamse oude woonbonus) en vanaf de verhuizing (= federale voordelen).

Als u in de huidige aangifte de betalingen van uw nieuwe lening aangeeft, kunt u niet langer de uitgaven van uw oude lening betaald vóór de verhuisdatum inbrengen in de oude Vlaamse woonbonus. De nieuwe woonbonus sluit met andere woorden de oude uit.

Maar u kunt inderdaad wel nog een laatste keer uw oude lening inbrengen, gesplitst over de Vlaamse rubriek van de oude woonbonus (betalingen vóór de verhuizing) en de federale rubrieken (betalingen vanaf de verhuizing). En volgend jaar geeft u dan de uitgaven van uw nieuwe lening aan in de rubriek van de Vlaamse geïntegreerde woonbonus. Die oplossing is in uw situatie wellicht fiscaal de meest optimale.

Dit artikel verscheen eerder in de reeks "Belastingvragen" uit De Standaard.

Auteur: Jef Wellens

Aangiftegids personenbelasting 2019

 

 

  1210