België regelt de omzetting van de Europese meldingsplicht van grensoverschrijdende fiscale constructies

Gepubliceerd op 03-02-2020

De omzetting van de “DAC 6” richtlijn 2018/822 betreffende de grensoverschrijdende constructies in het Belgisch recht vergt aanpassingen van het Wetboek van inkomstenbelastingen (WIB92), het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten, het Wetboek der successierechten en het Wetboek diverse rechten en taksen. Ze wordt bewerkstelligd met een wet die op 20 december laatstleden werd goedgekeurd.

Wezenskenmerken

De DAC 6 richtlijn biedt de lidstaten de mogelijkheid om informatie te verkrijgen over “mogelijk agressieve” grensoverschrijdende fiscale constructies, dat wil zeggen, constructies die zich over meerdere rechtsgebieden uitstrekken, waarbij belastbare winsten worden verschoven naar gunstigere belastingregimes of de totale belastingdruk op een belastingplichtige wordt verlaagd. Krachtens deze richtlijn moet al wie aan grensoverschrijdende constructies deelneemt, dit voortaan melden aan de fiscus. De aldus verkregen informatie zal automatisch worden uitgewisseld met alle belastingautoriteiten van de overige lidstaten.

Onze wetgever neemt de definities van de richtlijn over wat betreft de grensoverschrijdende constructies, de wezenskenmerken die op een mogelijk risico van belastingontwijking wijzen en de intermediairs.

Onder wezenskenmerken dient u te verstaan, de kenmerken van constructies die duidelijke tekenen vertonen van belastingontwijking of onrechtmatige fiscale praktijken. Ze zijn opgedeeld in 5 categorieën waarvan 2 gekoppeld zijn aan het “ main benefit test ”:

  • algemene wezenskenmerken gekoppeld aan het criterium van het belangrijkste voordeel;
  • specifieke wezenskenmerken gekoppeld aan het criterium van het belangrijkste voordeel;
  • specifieke wezenskenmerken betreffende grensoverschrijdende constructies;
  • specifieke wezenskenmerken betreffende de automatische uitwisseling van informatie en de uiteindelijke begunstigden;
  • specifieke wezenskenmerken betreffende de verrekenprijzen.

Het main benefit test zal vervuld zijn als kan worden aangetoond dat het belangrijkste voordeel of één van de belangrijkste voordelen die een persoon, gelet op alle relevante feiten en omstandigheden, redelijkerwijze van een constructie kan verwachten, het verkrijgen van een belastingvoordeel is.

Meldingsplicht

De meldingsplicht van de grensoverschrijdende constructie steunt in de eerste plaats op de intermediairs. Zij moeten de grensoverschrijdende constructie waarvan zij kennis, bezit of controle hebben, meedelen aan de fiscus binnen 30 dagen te rekenen vanaf (naargelang van het geval dat het eerst plaatsvindt) hetzij de dag nadat de constructie voor implementatie beschikbaar is gesteld, hetzij de dag nadat de constructie gereed is voor implementatie, hetzij wanneer de eerste stap in de implementatie van de constructie is ondernomen.

In sommige gevallen kan de meldingsplicht op de betrokken belastingplichtige rusten, wat meer bepaald het geval is wanneer er geen intermediair betrokken is bij het bedenken of implementeren van de grensoverschrijdende constructie of wanneer de intermediair ontheven is van de verplichting om inlichtingen te verstrekken.

Er geldt een specifieke procedure voor de intermediairs die deze melding niet kunnen doen omdat ze gebonden zijn aan het beroepsgeheim. Zij moeten dan de overige intermediairs of de belastingplichtige schriftelijk en gemotiveerd laten weten dat ze niet aan hun meldingsplicht kunnen voldoen. De meldingsplicht zal dan rusten op de andere intermediairs of op de belastingplichtige.

man-and-woman-sitting-at-the-table-3122277

Referentienummer

  237