Fiscus licht btw-verlaging voor horeca toe

Gepubliceerd op 15-07-2020

De circulaire is verschenen die toelichting geeft bij de btw-verlaging voor de horeca. Het tarief van 6% geldt nog tot het einde van het jaar en moet de sector helpen de coronacrisis te boven te komen. Opmerkelijk is dat de fis­cus van de gelegenheid gebruik maakt om zijn standpunt over voorverpakt voedsel bij te stellen.

Meer diepgaande info over de corona-maatregelen vindt u op monKEY, de meest gespecialiseerde databank voor boekhouders en fiscalisten. Ontdek alle mogelijkheden en voordelen voor u >

Beoogde handelingen

De regering besliste op 6 juni 2020 om vanaf de heropening van de horeca op 8 juni 2020 tijdelijk – tot 31 december 2020 – het btw-tarief te verlagen naar 6% voor restaurant- en cate­ringdiensten, met inbegrip van de alcoholvrije dranken.

In zijn circulaire bevestigt de fiscus dat de tijdelijke btw-verlaging geldt voor het ver­schaffen in restaurants en cafés en, meer algemeen, in omstandigheden voor het verbruik ter plaatse, van spijzen (verlaging van 12% naar 6%) en/of alcoholvrije dranken (ver­laging van 21% naar 6%).

De fiscus gaat niet in op de kwestie van een ‘menuprijs’ die ook alcoholische dranken omvat, die dus niet onder de tariefverlaging vallen. Die prijs moet dan in principe uit­gesplitst worden over de genoemde diensten (6%) als het verschaffen voor verbruik ter plaatse van alcoholische dranken (21%).

Voorverpakte voedingswaren

De vraag is of het verschaffen van voorverpakte voeding voor verbruik ter plaatse een restaurant- of cateringdienst uitmaakt. De fiscus schikt zich nu naar de uitvoeringsverordening 282 van 15 maart 2011 waarin er sprake is van het verstrekken van bereide of onbereide spijzen en/of dranken, en het begrip ‘maaltijd’ niet wordt gebruikt. De fiscus stelt dat het verschaffen van die voorverpakte producten in omstandigheden voor het verbruik ter plaatse, wel degelijk kwalificeert als een restaurant- of cateringdienst en dus aan het daarvoor geldende ver­laagd btw-tarief is onderworpen.

Geen overgangsbepalingen

  603